hoe ik scipio leerde kennen (1)

Een jaar nadat ik Scipio leerde kennen, werkte ik als uitzendkracht in het VU-ziekenhuis om mijn collegegeld voor mijn tweede studiejaar bij elkaar te krijgen. Scipio werkte die zomer niet, hij was met Bob door Europa aan het liften, en eigenlijk voelde ik me een beetje in de steek gelaten, omdat we de zomer daarvoor nog met z’n tweeën de pindaverwerkende industrie hadden verkend. Nu werkte ik als schoonmaker op de Eerste Hulp, waar in die weken bijzonder weinig gebeurde. De ernstige gevallen die per ambulance arriveerden, werden meteen naar andere afdelingen vervoerd, voor de Eerste Hulp bleven de schaafwonden en de uit de kom geraakte lichaamsdelen over. Als er als eens bloed op de vloer lag, mocht ik dat niet weghalen, dat moesten de verpleegsters doen, die waren daarvoor opgeleid. Wanneer ik nu die reality-tv-programma’s zie over Eerste Hulp-afdelingen waar voortdurend van alles aan de hand is en de ene brancard na de andere wordt binnengereden terwijl iedereen naar elkaar schreeuwt, denk ik altijd dat we vijfentwintig jaar geleden bescheidener en voorzichtiger waren.

De jonge artsen van de Eerste Hulp behandelden me met vriendelijke minzaamheid, tot ik een van hen vertelde dat ik filosofie studeerde; daarna heeft geen van hen nog een woord met mij gewisseld, alsof er tussen artsen en filosofen al eeuwen lang een diepe vete heerste, die door hen moest worden voortgezet. Met mijn collega-schoonmakers had ik niet veel contact. Een van hen was een Ghanese jongen die zich regelmatig urenlang kon terugtrok in een van de overnachtingskamers voor artsen om met behulp van de telefoon die daar op het nachtkastje stond het vervoer van tweedehandsauto’s naar Ghana te regelen. ‘Meer geld dan schoonmaken,’ zei hij.

Als ik aan die zomer denk (mooie woorden om een alinea mee te beginnen: ‘als ik aan die zomer denk’ – meteen wordt alles bedekt met een dikke saus melancholie die alle gejaagde onzekerheden en twijfels van die tijd tot zwijgen brengt) zie ik mezelf door lange gangen sjokken achter een schoonmaakkarretje waarin allerlei schoonmaakmiddelen stonden met kleurcodes die me ooit waren uitgelegd maar die niet waren blijven hangen. Er bleven meer dingen niet hangen. De eerste week moest ik altijd met iemand meelopen naar het personeelsrestaurant als het tijd was voor de lunch, omdat ik door mijn gebrekkige gevoel voor richting voortdurend verdwaalde. In een hoekje van dat restaurant aten wij uitzendkrachten onze boterhammen, voor een grote tv die op MTV stond en waarop in die weken voortdurend Ofra Haza met ‘Im Nin Alu’ langskwam, want dat was toen de zomerhit. Nog steeds als ik dat nummer hoor… (Daar is die saus weer.)

De middagen waren het langst, omdat dan de eindeloze gangen moesten worden gemopt. Zo nu en dan schoot er een vlaag nerveuze maar doelgerichte ophef door de gangen wanneer de ambulances een ernstig ongeluk binnenbrachten. De stilte die inviel nadat je vanuit je ooghoek aan het eind van de gang een door witte jassen begeleide brancard had zien langs flitsen was enorm en veroorzaakte een vorm van eenzaamheid die maar langzaam wegtrok.

Behalve de gangen moest ook de ambulancekamer worden schoongemaakt. In die kamer hing naast de koffiemachine een aantal telefoons die waren verbonden met de meldkamer van de verschillende ambulancediensten.  Zodra hun vracht was overgenomen door verpleegkundigen en artsen, moesten de ambulancechauffeurs hun meldkamer bellen om op dicteersnelheid verslag te doen van hun laatste rit. ‘Daar – troffen – wij – onderaan – de trap – een bejaarde man – aan – buiten – bewustzijn – met – een – hevig – bloedende – hoofdwond – en – een – gebroken – been.’ Tweeënhalf jaar later zou in diezelfde kamer een van hen de verwondingen van Scipio doorbellen, want nadat Scipio in elkaar werd geslagen door die man met die poedel werd hij naar ditzelfde ziekenhuis gebracht. ‘Een – jongeman – van – een – jaar – of twintig – met – ernstig – hoofdletsel – buiten – kennis – en – waarschijnlijk – inwendige – bloedingen.’

Hoewel, Scipio overleed in de ambulance en misschien gelden voor dergelijke gevallen andere procedures.

(wordt vervolgd)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in schrijven, scipio, verhalen en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op hoe ik scipio leerde kennen (1)

  1. Mariëtte Baarda zegt:

    mooi verhaal!

  2. Pingback: hoe ik scipio leerde kennen (2) | reddend zwemmen

  3. Pingback: hoe ik scipio leerde kennen (3) | reddend zwemmen

  4. Pingback: hoe ik scipio leerde kennen (5) | reddend zwemmen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s