de epifanie van tom wolfe, of: weg met de minzame ironie

Thomas Wolfe schrijft nog steeds dikke romans. Ik heb al lang niet meer de neiging die te lezen, maar ik zal hem altijd dankbaar blijven voor zijn bundel The Kandy-Kolored Tangerine-Flake Streamline Baby uit 1965, waarin hij een aantal reportages verzamelde die hij schreef voor verschillende Amerikaanse bladen; en dan vooral voor het voorwoord.

In dat voorwoord beschrijft Wolfe hoe hem opeens iets duidelijk werd. Hij schrijft: ‘I don’t mean for this to sound like “I had a vision” or anything…’ Maar ondertussen.

Wolf kreeg een opdracht van een New Yorkse krant om een reportage te maken over de subcultuur van hot rods en custom cars; een subcultuur van jongeren die met hun handen werkten en doorgaans niet uit de middenklasse kwamen. Hij kwam terug met een verhaal dat uitermate geschikt was voor wat hij achteraf benoemde als ‘de slaapwandelende Amerikaanse totem newspapers’. Zo’n krant kopen mensen niet om te lezen, maar om te hébben, omdat ze weten dat in de totem stories die de krant bevat, hun opvattingen op comfortabele wijze worden bevestigd. En hoe behandelt zo’n krant een subcultuur als die van jongeren die auto’s opvoeren en verbouwen?

The totem story usually makes what is known as “gentle fun” of this, which is a way of saying, don’t worry, these people are nothing.

Zo’n verhaal schreef Wolfe dus aanvankelijk, met de minzame ironie die de lezers verzekerde dat ze zelf mijlenver verheven waren boven de beschreven wereld. Maar hij schaamde zich voor zijn eigen aanpak, hij wist dat er een ander verhaal in zat, ‘outside the system of ideas I was used to working with’.  Pas toen hij sprak met Dale Alexander, een van de auto-verbouwers, kreeg hij zijn epifanie. Alexander nam zijn werk uiterst serieus, en Wolfe begreep dat hij Alexander uiterst serieus moest nemen. Deze jongens waren strijdende en lijdende kunstenaars, niet op tochtige zolderkamertjes, maar in schemerige garages.

Waarna Wolfe voor Esquire het artikel schreef waarnaar later de bundel zou worden genoemd waarin het werd opgenomen: ‘The Kandy-Kolored Tangerine-Flake Streamline Baby’. Het is een mooi stuk. En ook al ronkt het hier en daar harder dan de hot rods en custom cars die zijn nieuwe helden in elkaar zetten, zeker nadat je in het voorwoord van de bundel hebt gelezen hoe het tot stand kwam, krijg je de neiging onder het lezen zo nu en dan ‘Hup Wolfe!’ te roepen.

Het artikel wordt gezien als een vroeg voorbeeld van New Journalism, en dat is cultuurhistorisch gezien ongetwijfeld erg belangrijk, maar eigenlijk zou de verschijningsdatum van het artikel (in de Esquire van november 1963) moeten worden herdacht met een klein maar onverwoestbaar monument tegen de minzame ironie, tegen het idee van ‘don’t worry, these people are nothing’.

Het artikel verscheen bijna vijftig jaar geleden. De minzame ironie is er nog, overal – bij columnisten, op facebook, in het toontje van de voice-over van Man bijt hond; gemakzuchtige meewarigheid, meewarige gemakzucht, gevoed door een misplaatst idee van vanzelfsprekende superioriteit.

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in lezen en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s