wie is er bang voor virginia woolfs puntkomma’s?

 

Niets is flauwer dan woordspelingen op bestaande titels, sorry dus daarvoor, maar op de een of andere manier kon ik het niet laten. Hierbij mijn recensie van de nieuwe vertaling van Mrs Dalloway die verleden week in NRC Handelsblad stond.

Het zijn de krenten in de pap van de Perpetuareeks: de speciaal voor die reeks vervaardigde nieuwe vertalingen van klassieke romans. Na mooie nieuwe vertalingen van onder andere Women in Love van D.H. Lawrence en Ulysses van James Joyce is nu Mrs Dalloway van Virginia Woolf aan de beurt. En dat werd tijd; de vorige Nederlandse vertaling, van Nini Brunt, ging al zo’n zestig jaar mee.

Het eerste dat opvalt aan de vertaling van Boukje Verheij is dat Mrs Dalloway mevrouw Dalloway is geworden; in tegenstelling tot Brunt handhaaft Verheij de Engelse aanspreekvorm niet, waardoor we ons meteen vanaf de eerste regel dichter bij het personage bevinden. Dat werkt goed. Toch valt er wel een kanttekening bij de vertaling te maken; daarover later meer.

Mevrouw Dalloway, verschenen in 1925, speelt zich af tijdens een warme Londense zomerdag, in de kringen van de hogere middenklasse. Clarissa Dalloway zal die avond een feest geven, en omdat haar personeel het al druk genoeg heeft, gaat ze zelf de deur uit om bloemen kopen. Op diezelfde dag keert haar jeugdvriend Peter Walsh terug uit India om zijn scheiding te regelen. Ondertussen doolt de aan shellshock lijdende oorlogsveteraan Septimus Smith door Londen, zijn ondergang tegemoet.

Het perspectief wisselt voortdurend tussen hoofd- en bijrolspelers. Woolf gebruikt de modernistische techniek van de stream of consciousness om de lezer mee te voeren van de ene gedachtewereld naar de andere. Door die verschillende invalshoeken weet de lezer toch meer dan de personages, ook al is er geen sprake van een alwetende verteller; de personages kunnen het geheel waarvan ze deel uitmaken niet overzien, de lezer krijgt dankzij die perspectiefwisselingen een completer beeld.

Er zit veel melancholische ironie in Mevrouw Dalloway. De melancholie heeft betrekking op voorbije jeugd en verloren idealen, de ironie op kleingeestige maar allesoverheersende zorgen over positie en populariteit. Maar ook al hebben vrijwel alle personages iets aandoenlijks, nergens beschouwt Woolf hen van bovenaf, haar portretten zijn op een humane manier liefdevol, en zo krijgt de lezer geen ruimte zich boven de personages verheven te voelen; ook omdat de thema’s die Woolf aansnijdt alle ironie voorbij zijn. Waar haar roman over moest gaan, noteerde ze op 19 juni 1923 in haar dagboek: ‘leven en dood, gezondheid en waanzin; ik wil het maatschappelijk systeem bekritiseren en tonen hoe het werkt […].’

Veel scènes in Mevrouw Dalloway spelen zich buitenshuis af, in de straten van Londen. Ook daar blijft Woolf haar personages dicht op de huid zitten, nooit wordt uitgezoomd, nergens verbreedt het stedelijke landschap zich tot een panoramisch beeld. Het geeft het boek iets claustrofobisch, en de personages zijn dan ook in zekere zin gevangenen: van de tijd.

Dat wordt meteen al op de tweede pagina ingeleid, als de Big Ben het uur slaat. ‘De loden kringen losten op in de lucht,’ schrijft Woolf. Dat is een gewaagd maar prachtig beeld om wegstervende klokslagen te beschrijven, een goed voorbeeld van Woolfs precieze maar originele stijl. Die ‘loden kringen’ keren nog regelmatig terug, als de kluisters die de personages gevangen houden. De verstrijkende tijd is een belangrijk thema van de roman; niet voor niets wilde Woolf haar roman eerst The Hours noemen. Voortdurend slaan er klokken, ze bepalen het ritme van de dag en de maatschappelijke orde waarnaar iedereen zich schikt – iedereen, behalve oorlogsveteraan Smith, die in zijn eigen waanzin gevangen zit. Voor hem geen melancholie of ironie. Voor de schrijnende beschrijvingen van zijn diepe wanhoop en verrukkende epifanieën kon Woolf kon uit eigen ervaringen putten.

Smith en Dalloway zijn het raadselachtige koppel dat de kern van de roman vormt. Ze kennen elkaar niet, hun wegen kruisen elkaar nergens. Dalloway hoort van zijn zelfmoord op haar feestje, en diezelfde avond nog verzoent ze zich met zijn dood. ‘Ze voelde zich in zekere zin net als hij […]. Ze was blij dat hij het had gedaan.’ Belichaamt Smith haar eigen doodsverlangen, heeft hij dat verlangen met zijn eigen dood geneutraliseerd? Is hij voor haar gestorven? Aan het einde van de roman moet je concluderen dat sommige raadsels onopgelost blijven, ook al zit je de hele tijd in het hoofd van de personages. Uiteindelijk blijkt er dus geen sprake van een te overzien geheel. Daar gaat het nu juist om, en samen met Woolfs stijl maakt dat Mevrouw Dalloway tot zo’n goede roman.

De nieuwe  vertaling van Verheij is een stuk soepeler dan die van haar voorgangster Brunt; misschien zelfs iets te soepel. Verheij vervangt wel erg veel van Woolfs puntkomma’s door komma’s. En dat is niet alleen een kwestie van Engels tegenover Nederlands leestekengebruik; het gaat hier om iets dat typisch is voor de stijl van Woolf, een manier om een tekst een bepaald ritme te geven. Misschien heeft Verheij goede redenen voor haar ingrepen, maar ook dan was het mooi geweest als er een verklarend nawoord van de vertaler in het boek was opgenomen. Nu blijft ook het raadsel onopgelost waarom zoveel puntkomma’s het onderspit hebben gedolven.

Virginia Woolf, Mevrouw Dalloway, vertaald door Boukje Verheij, Athenaeum – Polak & Van Gennep, 189 pag., € 22,50

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in lezen en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s