een roman om voor te lezen aan gelijkgestemden

P1010541

Voor NRC-boeken van vorige week schreef ik een recensie over de Nederlandse vertaling van The Wapshot Chronicle van John Cheever: 

Van sommige romans raak je opgetogen, puur en alleen omdat ze zo goed geschreven zijn. Neem de debuutroman van John Cheever, The Wapshot Chronicle. Die schijnbaar lichte toets waaronder de afgrond gaapt, de opgewekte ernst, het flonkerende proza – je kunt het boek niet lezen zonder er voortdurend uit te willen citeren, het is een roman om voor te lezen aan gelijkgestemden en zij die het zouden kunnen worden.

Een eenvoudige bevalling was het niet. Ook toen hij zijn naam al lang en breed had gevestigd als schrijver van korte verhalen, bleef Cheever (1912-1982) ervan overtuigd dat hij pas echt zou meetellen als iets van langere adem schreef. Na jarenlange worstelingen verscheen in 1957 dan eindelijk die eerste roman, waarvan nu de Nederlandse vertaling verschijnt onder de titel Kroniek van de familie Wapshot.

Ze vormen een merkwaardige familie, die Wapshots. Ze wonen aan de kust van New England, in het ingeslapen vissersdorpje St. Botolphs (‘meer schepen in flessen dan op het water’). Aan het hoofd staat de bejaarde en onvoorspelbare Honora, die het familiekapitaal bezit. Haar neef Leander woont met vrouw en zonen op de boerderij van de familie en vaart met een ietwat gammele boot toeristen van de ene kustplaats naar de andere. Honora heeft in haar testament vastgelegd dat zij haar geld zal verdelen tussen Leanders zonen Moses en Coverly, op voorwaarde dat die voor mannelijk nageslacht zorgen.

Dat gegeven schenkt de roman iets dat op een rode draad lijkt, maar al te veel moet de lezer zich daar niet bij voorstellen. Het gaat Cheever niet om plot of spanningsboog, liever staat hij stil bij de eigenaardigheden van de bewoners van St. Botolphs en de passanten die daar toevallig terechtkomen. (‘Wanneer Theophilus gasten uitnodigde, werd van hen verwacht dat ze na het eten de tuin ingingen om verstoppertje te spelen.’)

Van de romans van Cheever (hij schreef er uiteindelijk vier) wordt vaak gezegd dat ze eigenlijk bestaan uit aaneengelaste korte verhalen en vol zitten met plotselinge overgangen en onafgemaakte verhaallijnen. En dat klopt ook wel, alleen wil dat niet zeggen dat die romans dan ook slecht zouden zijn. Romans van Cheever zijn caleidoscopen. Telkens schudt hij weer even en roept: ‘En kijk nu eens!’ Dat niet alle patronen logisch op elkaar lijken te volgen, is geen gebrek, maar de consequentie van het procedé.

*

Ook Kroniek van de familie Wapshot kent geen hechte constructie. In de tweede helft van de roman speelt St. Botolphs een minder prominente rol en volgen we vooral de belevenissen van Leanders zonen Moses en Coverly, die New England verlaten en uiteindelijk allebei een bruid weten te veroveren. Vooral de belevenissen van Moses in het vervallen kasteel waar zijn verloofde woont, lezen als een aparte novelle. Maar mooi is het wel.

Van alle romans van Cheever is Wapshot de meest zoete. In latere romans zou hij meer waanzin toelaten, maar hier hangt nog iets sprookjesachtigs in de lucht, en iets nostalgisch, wat niet vreemd is, want Cheever groeide op in de streek die hij beschrijft. Het is, zeker in het begin, moeilijk te geloven dat de roman in de twintigste eeuw speelt, omdat verwijzingen naar grote gebeurtenissen als wereldoorlogen geheel ontbreken. Wapshot is dan ook niet de kroniek van een tijd, maar van een familie, van de tragikomische worsteling tussen vaders en zonen, en mannen en vrouwen.

Het zijn de vrouwen die in de familie Wapshot de initiatieven nemen. Niet voor niets moeten Moses en Coverly dorp en familie verlaten voordat ze volgens de toenmalige regelen der kunst een man kunnen worden. Coverly heeft daar de meeste moeite mee, en in hem heeft Cheever dan ook veel van zichzelf gelegd. In Coverlys worsteling met homoseksuele gevoelens en zijn aan verliefdheid grenzende adoratie van zijn broer herkennen we thema’s die zijn terug te vinden in de uitstekende biografie die Blake Bailey van Cheever schreef.

Het zijn nooit de verhaallijnen of de thema’s die een boek tot een meesterwerk maken. Dat Wapshot zo goed is, komt door de toon en de stijl waarin Cheever de belevenissen van zijn personages presenteert. Om daarvan een idee te krijgen, moet je eigenlijk gewoon het hele boek lezen. Juist bij grote stilisten kom je met citaten niet ver. Op het moment dat je er mooie regels uitlicht, verliezen die de glans die ze wordt verstrekt door het geheel waarvan ze deel uitmaken.

*

Die glanzende, verleidelijke stijl gebruikt Cheever ook als een masker, waarachter hij zich niet alleen voor de lezer, maar ook voor zichzelf lijkt te verstoppen. Dat blijkt uit de ambivalente en soms neerbuigende manier waarop hij in Wapshot over homoseksualiteit schrijft, en het blijkt ook uit de manier waarop hij zijn vader in de roman verwerkt. Cheever gebruikte zijn vader als inspiratiebron voor schipper Leander, en Leanders autobiografische aantekeningen (een van de hoogtepunten van de roman) baseerde hij op overgeleverde notities van zijn vader. In een voorwoord bij een herdruk van de roman schreef Cheever dat hij hoopte met Leander een personage te hebben gecreëerd dat zijn vader ‘genoegen zou hebben gedaan’. Dat klinkt onverwacht braaf; afgaande op de biografie was een afrekening met die vader meer op zijn plaats geweest.

Maar Cheever rekent niet af, en als dat al interne worstelingen of twijfel opleverde, is daarvan in de roman niets te merken. Volkomen op zijn gemak strooit Cheever zijn liefde over zijn lezers uit. Want hoe zoet het ook klinkt, het werk van Cheever stroomt over van liefde – een liefde die soms doet denken aan de onstuimige liefde die een alcoholist na zijn eerste borrels voor de hele wereld kan voelen. Zijn katers bewaarde Cheever voor zijn dagboeken: rauwe  pendanten van zijn romans, die pas na zijn dood werden gepubliceerd.

Na Bullet Park is Kroniek van de familie Wapshot de tweede roman van Cheever die Van Gennep binnen korte tijd in vertaling uitbrengt. Vertaler Guido Golüke weet de toon van Cheever goed over te brengen. Hopelijk vragen ze hem om ook de andere roman te vertalen die Cheever over de familie Wapshot schreef, The Wapshot Scandal uit 1964.

John Cheever, Kroniek van de familie Wapshot, vertaald door Guido Golüke, Van Gennep, 336 p., € 19,90

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in boek, lezen, recensie en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s