stil, mijn gitaar

P1010645 

Geen flauw idee hoe je nog over melancholie zou kunnen schrijven. Ik krijg het woord nauwelijks uit mijn toetsenbord zonder me bezwaard en licht belachelijk te voelen, alsof het een term is die je als weldenkend mens eigenlijk niet meer met goed fatsoen kan gebruiken.

Melancholie? Het is het onschuldige broertje van ironie – de jongen die in zijn lange zwarte jas langs de mistige gracht loopt en denkt dat er iets mis is met zijn hart; maar zijn hart werkt prima, hij is alleen maar moe omdat hij geen conditie heeft. Toch wordt hij niet echt oud; maar dat komt omdat hij niet doorgroeit, hij zal nooit weten hoe het is om ouder dan vijfentwintig te zijn.

Ik heb altijd een zwak gehad voor die jongen in die lange zwarte jas. Ik heb hem tenminste nooit de gracht in geduwd, hoewel dat voor ons allebei waarschijnlijk best goed zou zijn geweest. (Ik had hem natuurlijk wel meteen mijn hand toegestoken, druipend had hij zich omhoog getrokken, frisser en sterker dan ooit, om vervolgens mij in het water te trekken zodra hij houvast had aan de kademuur – en zo zouden we elkaar uren lang in en uit het water hebben getrokken, tot het donker werd en de jongen zijn lange zwarte jas uittrok omdat die door al het opgezogen vocht te zwaar was geworden.)

*

Melancholie? Het was (ja, laten we er in de verleden tijd over spreken, alsof hij toen in de schemer is verdronken) – – Het was het gevoel van verdriet op stand-by, een statische atmosfeer van treurigheid die een gevoel van machteloosheid verspreidde dat niet onaangenaam was, omdat het aanzette tot inactiviteit. “Je kon er niets aan doen” – niet aan datgene wat het gevoel had opgeroepen, maar ook niet aan het gevoel zelf, een dubbele machteloosheid die werkte als een zacht kluister waarvan eerder bescherming dan bedreiging uitging. Een extra huid tegen de wereld, zo mogelijk nog dunner dan je eigen huid, maar als je niet te wild bewoog, bleef hij best lang zitten; hij viel niet van je af, hij verdampte, maar altijd met de belofte dat hij vanuit het niets waarin hij was verdwenen zo weer op je zou kunnen neerslaan.

Het is jammer, want ik mag hem best, die melancholie, maar er zit ook iets weeïgs aan. Het is een vorm van zelfbescherming na over-identificatie met verdriet van buiten, het is de wil en de angst om erkend te worden, het is aarzelen op de drempel; en ook in gevallen waarin dat een zaak van leven of dood is, kleeft er altijd een zweem van luxe aan, van roerloze aanstellerij.

*

Ik kwam hem al zo snel tegen dat ik de eerste ontmoetingen pas achteraf kon reconstrueren. Een oudere zus had een puzzel die heel anders was dan de kinderpuzzels die ik gewend was. Een ruig landschap in de schemering, misschien stond er al een maan. Donkere kleuren; bergruggen, naaldbomen, een meer, en helemaal aan de onderrand van de afbeelding, zo klein dat het een toevallige toevoeging leek, een kampement dat overhoop gehaald werd door een grizzlybeer. En als je goed keek zag je even verderop de jager aankomen, met zijn laarzen in het water van het meer stond hij te zwaaien naar de beer die zijn tent kapotscheurde, een machteloze kleine man, zo klein dat je zijn gezichtsuitdrukking niet kon zien. Deze tragische desolaatheid was nieuw voor me en trof me diep. Het was nacht, waar moest die jager straks slapen? Die mooie tent, die hij zo zorgvuldig had opgezet. En straks kwam die beer op hém af. En dan dat donkere, onbarmhartige landschap dat boven hem uit torende en waarvan niets viel te verwachten dan kou en ongenade; vooral dat landschap. Mijn eigen puzzels bestonden uit weinig stukken, en ze konden worden gelegd in de doos waarin ze werden opgeborgen. Dit was de eerste puzzel die ik zag die zó groot was dat hij buiten de doos moest worden gelegd. Op de een of andere manier versterkte dat het gevoel van verlatenheid – al moet je met reconstructies altijd uitkijken dat je achteraf niet teveel bij verzint.

Diezelfde zus had de blauwe dubbelelpee van The Beatles. Daar stond het treurigste lied op dat ik kende, en ik hoorde het graag. Het was treurig omdat het een treurige melodie had, en ook omdat het ging over een gitaar die huilde. Dat was me dan waarschijnlijk uitgelegd, maar je hóórde die gitaar ook huilen. Het was treurigheid waar je rustig van werd, alsof je nadacht zonder gedachten, en als je naar de zanger luisterde werd je zelf bijna die gitaar, en dan werd je getroost door de zanger, en die kon je verstaan, want soms leek Engels erg op Nederlands, en hier ook, want hij zong: “Stil, mijn gitaar.” Wat hij nog meer zei begreep ik niet, maar dit verstond ik duidelijk, en ik vond ’t het mooiste deel van het lied: de zanger die zijn gitaar troostte, de gitaar die zachtjes door huilde.

Zo zal het dan wel in elkaar steken: vanaf dat moment heb ik er altijd naar verlangd om door George Harrison te worden getroost. Maar ik was geen gitaar en daar ging het dus al mis.

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in kind van de verzorgingsstaat, leven, schrijven en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op stil, mijn gitaar

  1. lammertv1 zegt:

    Die huilende gitaar in het Beatles nummer werd bespeeld door Eric Clapton, de man die later George zijn vrouw Patty inpikte en daar het wondermooie Layla over schreef. Helaas hielp hij dat nummer later zelf om zeep met een oersaaie unplugged versie. In het origineel speelde Duane Allman de huilende slide-gitaar. Duane reed zich te pletter met zijn motor.

    • Dat van Clapton wist ik (eigenlijk had het nummer dan ook ‘While His Guitar Gently Weeps’ moeten heten) dat van Duane Allman is nieuw voor me. Die unplugged versie van Layla vond ik niet eens zo slecht; een beetje ‘j j cale plays derek & the dominoes’.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s