niet twee keer in dezelfde rivier

Om even terug te keren naar iets waarover ik eerder schreef: wanneer het gaat om de vloed aan toeristen waardoor Amsterdam langzaam dreigt te worden overspoeld (ze beperken hun aanwezigheid trouwens niet alleen tot de stad, ze fietsen op hun felgekleurde fietsen ook in lange stoeten langs de Amstel richting Ouderkerk, langzaam slingerend, vaak voorafgegaan door een gids, die met brede gebaren informatie over zijn schouder roept (ik heb het hier over de houding van die gids, het gaat hier niet om informatie over zijn schouder, daar zit natuurlijk niemand op te wachten) en, hoewel hij waarschijnlijk een geoefender fietser is dan zijn volgelingen, vanwege het lage tempo van diezelfde volgelingen óók slingert – en zie zo’n trage, meanderende stoet maar eens in te halen, een actie waarvoor ze juist door dat meanderen toch al veel te weinig ruimte laten, terwijl ook nog eens aan alle kanten wielrenners om je heen suizen, maar dat is weer een ander verhaal) moeten we niet vergeten dat (ik las trouwens ergens (ik weet niet meer waar) dat iemand bedacht heeft dat Amsterdamse fietsers door middel van een gele bagagedrager de boodschap zouden moeten uitdragen dat ze bereid zijn om een wandelende toerist achterop te nemen om hem of haar een eindje op weg te helpen; een mooi plan, wat in de (ongetwijfeld door chaos en misverstanden gekenmerkte) praktijk toch vooral betrekking zal hebben op individuele toeristen zonder rolkoffertje, waarbij bovendien de mogelijkheid niet moet worden uitgesloten van vals spel: want waarom zouden Amsterdammers die zich aan al die toeristen ergeren hun bagagedragers niet óók geel gaan schilderen, om met hun nietsvermoedende toerististische passagier vervolgens keihard naar de gemeentegrens te fietsen om hem of haar daar in de berm te dumpen) – wacht, waar was ik gebleven, ik begin even overnieuw.

Wanneer het gaat om de vloed aan toeristen waardoor Amsterdam langzaam dreigt te worden overspoeld moeten we niet vergeten dat (ja, daar was ik gebleven) die stroom gasten ons Amsterdammers een uitgelezen mogelijkheid tot onthechting biedt, en niet alleen uitgelezen, ook nog eens helemaal gratis, en zonder dat je er meditatie-, zen-, meditatie- en tao- of daocursussen voor hoeft te volgen. Het gaat vanzelf, je raakt losgezongen van je eigen stad, die doordat ze door meer toeristenogen dan bewonersogen wordt gezien voor ons langzaam uit beeld verdwijnt, en plaats maakt voor een andere stad, waarin wij de passanten zijn. Dat heeft toch iets moois, het wordt ons zomaar in de schoot geworpen. Alles verandert tenslotte, waarom zouden we ons daar niet eens bij neerleggen? Niemand verplicht ons om ons aan die stad te blijven vastklampen, zo’n stad is ook maar ballast, we kunnen zonder haar, dat zullen we vanzelf merken, misschien raken we wel zo onthecht dat we blij zijn dat we d’r kwijt zijn, dat ze in andere handen is overgegaan en dat wij onze handen eindelijk vrij hebben – en onze ogen niet te vergeten, nu de stad waarnaar we keken door andere ogen wordt versleten.

En als die onthechting te snel gaat, kunnen we de stad altijd nog proberen terug te halen, door er gewoon met z’n allen naar te gaan kíjken, op een tijdstip waarop de toeristen nog slapen, ’s ochtends om zes uur bijvoorbeeld; terwijl we onze ogen uit kijken, fietsen we in langzame, meanderende stoeten over de grachten.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in leven en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s