freud in bodegraven

 

De bijbelleesclub waar ik lid van ben (geen paniek, zie p. 30 van Kind van de verzorgingsstaat) is inmiddels aanbeland bij het evangelie van Lucas, en omdat ik wel weer eens wilde horen hoe het engelengezang uit Lucas 2: 14 klonk in de versies die vroeger met kerst werden gezongen (‘Ere zij God in de hoogste hemelen, en vrede op aarde, in de mensen een welbehagen’), typte ik in het zoekvenster van YouTube de woorden ‘ere zij god’ in. Er verscheen een hele reeks uitvoeringen van het gezang, stuk voor stuk gezongen door mannenkoren. (Mannenkoren! Die walvissen onder de muziekensembles, die ik zo goed ken van de grammofoonplaten die mijn vader vroeger draaide.) Ik klikte op de eerste clip en belandde in een optreden van een mannenkoor in een niet nader genoemde kerk in Bodegraven. Ik herkende de melodie en de klankkleur meteen, maar toen ik nog eens goed keek, viel me nog iets anders op, iets wat deze clip in een heel nieuw licht plaatste – op de eerste rij stond niemand minder dan Sigmund Freud.

Kijk daar staat hij, in het midden. Je ziet de wrevel waarmee hij zich afvraagt hoe hij hier nu weer is terechtgekomen; net zat hij nog op zijn spreekkamer in zijn fauteuil naast de sofa te luisteren naar een lid van de Weense middenklasse die zijn oedipale verlangens blootlegde, en nu staat hij opeens honderd jaar later in een kerk in Bodegraven, op de voorste rij van een mannenkoor. Verstoord kijkt hij naar de map die hij vasthoudt (waar komt die opeens vandaan?) en te beduusd om een scène te schoppen doet hij zijn best om zich aan de situatie aan te passen. Kijk maar, hij probeert daadwerkelijk een beetje mee te zingen, maar zijn eigenlijke stemming wordt verraden door de sombere en berustende blikken die hij tussen zijn loze mondbewegingen door op het publiek werpt. Je ziet het vermoeden in hem groeien dat de tijdmachine maar één kant op werkt en dat dit publiek te dom is om hem in zijn situatie te kunnen bijstaan. Als hij ze straks gaat vertellen wie hij is en waar hij vandaan komt, sluiten ze hem op in een inrichting. Dat zou hem een goede indruk kunnen geven van de manieren waarop in de tussenliggende periode de psychiatrische zorg is geëvolueerd, maar het is nog te vroeg om dat idee met een ironisch glimlachje te begroeten. Vooralsnog wordt er om hem heen uit volle borst gezongen. Het kinderlijke geloof in een God zijn ze in ieder geval nog niet kwijt, die toekomstbewoners.

(Misschien moeten we in Bodegraven gaan kijken of hij daar nog rondloopt, verbeten in zichzelf mompelend, een bejaarde, bebaarde dakloze die voor een plaatselijke supermarkt Weense liedjes zingt op een gevonden gitaar met twee snaren, in de ijdele hoop hiermee genoeg geld te verdienen om een ticket naar Wenen te kunnen aanschaffen, al was het alleen maar om te zien hoe het daar inmiddels is veranderd.)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in leven, muziek en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op freud in bodegraven

  1. ida zegt:

    geëvolueerd zal je bedoelen, maar dat zullen meer schoolmeesters en -juffen je inmiddels wel bericht hebben… verder weer mooi verhaal, dank!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s