Want een engel daalde neder op zekeren tijd

tinguely

Gisteren ging ik met Chrétien Breukers naar het Stedelijk Museum voor de tentoonstelling van Jean Tinguely, die vijfentwintig jaar geleden overleed. Ik herinner me een eerdere tentoonstelling van hem (Tinguely, niet Breukers) in het Stedelijk, wanneer was dat, eind jaren tachtig, begin jaren negentig? Toen werkten alle vreemde bouwsels nog, tenminste, zo herinner ik het me, je mocht onbekommerd met je voet op schakelaars trappen en daar ging het los, rammelend, ratelend, heen en weer rollend – achteloze, vreemde machines waren het, beverig en solide tegelijk, onnut en vrolijk, vervaardigd van roestend ijzer waarin vreemde objecten waren opgenomen.

Nu bleken de machines oud, en nog beveriger, en niet meer geschikt om onbekommerd te worden aangezet. Toen we de eerste zalen binnenliepen, klonk nergens geratel, alles stond stil, elke zaal de aula van een apparatenkerkhof, het museum een mausoleum. Behalve machines die eeuwig stilgevallen leken was er ook veel documentatie te zien, op foto’s en in vitrines. Er werd uitgebreid aandacht besteed aan eerdere tentoonstellingen van Tinguely in het Stedelijk, met name Dylaby uit 1962. Op een tentoonstelling kijken naar foto’s en teksten over een vorige tentoonstelling; het vergrootte het idee dat we te laat waren, dat ook deze tentoonstelling te laat was. Het lag ook aan ons: we hadden levendige machines verwacht, we kregen een stille overzichtstentoonstelling, een uitgerekte bijzettingsplechtigheid.

Maar daar klonk dan toch uit een belendend zaaltje het bekende geratel dat we met Tinguely associeerden. We haastten ons ernaartoe, zagen nog net de schokkerige bewegingen van de raadselachtige objecten die in een reusachtige mobile hingen, en toen was het voorbij, andere bezoekers kwamen te laat en lachten schaapachtig.

Maar het bleek een voorbode van meer leven. In volgende zalen ontdekten we schakelaars op de vloer, er stond bij vermeld hoe vaak en hoe lang het apparaat dat door de schakelaar werd bediend, werkzaam zou zijn – meestal was dat iets als dertig seconden per vijftien minuten. Ook in volgende zalen bleek een dergelijk regime te heersen. Het was beter dan niets. Bezoekers (het was druk) liepen wat heen en weer, zodra er ergens in een hoek van de zaal iets begon te ratelen, spoedde iedereen zich erheen, om in de meeste gevallen net te laat te komen – en opeens wist ik waar we ons bevonden, niet in een museum of een mausoleum, maar in Bethesda, het badhuis uit Johannes 1: 1-15, met de genezende bron waarvan het water eens in de zoveel tijd door een engel in beroering werd gebracht; en de eerste zieke die dan het water bereikte, werd genezen ‘van wat ziekte hij ook bevangen was’.

Genezend zouden de apparaten van Tinguely niet werken, maar het heen en weer geloop, geren en gesjok, de gêne, het te laat komen en de paar gelukkigen die vlak bij iets stonden dat opeens wild begon te bewegen – je kon de engel bijna horen lachen.

Elke gedachte aan genezing verdween in een van de laatste zalen: daarin stonden de totaal zwarte machinerieën die Tinguely op een gegeven moment ging maken; ze bewogen langzamer dan zijn eerdere apparaten, er was een grote, half opgerichte boor die traag en dreigend en vooral geruisloos ronddraaide – niet voortdurend, ook hij niet, een tiental seconden per keer. Zwart, somber – je denkt meteen dat de kunstenaar in die periode aan een depressie moet hebben geleden.

Het was, kortom, wat frustrerend en teleurstellend, een bezoek aan een stervend oeuvre (en er waren ook nog gênante amateurfilmpjes met grote fallussen en ridders) – maar alles kwam nog goed in de laatste zaal, de erezaal, waarin in schemerlicht een hele reeks bouwsels stonden opgesteld die eens in de zes minuten zouden gaan werken – centraal stond een olifantachtige machine met een echte, gelige olifantenschedel en grote roestige ijzeren vlakken bij wijze van oren, en ergens opzij een heen en weer schuivende strijkbout. Andere apparaten waren opgebouwd uit verwrongen landbouwwerktuigen, ergens stak een gesmolten televisie omhoog. Toen er zes minuten waren verstreken ratelde en klapperde en knarste en piepte alles als een gek, het was bijna ontzagwekkend en de aanwezige kinderen vonden het prachtig. We dachten dat in deze zaal alles wat nog een beetje werkte bij elkaar was gezet maar later las ik op de site van het Stedelijk dat dit één installatie was, ‘Tinguely’s monumentale Mengele-Totentanz (1986)’:

een duistere installatie met schaduwspel, die Tinguely maakte naar aanleiding van een verwoestende brand waarvan hij ooggetuige was. Het werk is opgebouwd uit overblijfselen van de brand: verkoolde balken, landbouwmachines (van de firma Mengele) en dierenskeletten. Het resultaat is een gigantische memento mori, die ook verwijst naar de concentratiekampen van de Nazi’s. De bewegingen en hoge schelle geluiden zorgen voor een sacrale en macabere sfeer.

Stonden we er toch te vrolijk naar te kijken. Teveel voorkennis, te weinig voorkennis – het is altijd lastig, in musea voor moderne kunst.

PS

Aan het verbouwde Stedelijk ben ik trouwens nog steeds niet gewend. De tentoonstelling was boven, dus nadat we via de nieuwe badkuip naar binnen waren gegaan, moesten we door de lege ruimte van het voormalige restaurant verder richting trap, die bij de voormalige ingang naar boven gaat. Ooit, toen de oude ingang nog de ingang was, had die brede trap een logische, bijna majestueuze plek; nu moet je eerst een hoek om voor je de trap bereikt, de locatie is niet logisch meer, ze hadden de trap 180 graden moeten draaien bij de verbouwing, nu is het een trapje achteraf – en alsof dat idee moest worden versterkt, lagen de treden er shabby en grauw bij, een trap waar niemand meer in geloofde. Benieuwd wat er gaat gebeuren als straks de hele indeling van het museum op de schop gaat, of ze op een of andere manier iets aan die trap kunnen doen. Even schrobben zou al een stuk helpen.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in kunst en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Want een engel daalde neder op zekeren tijd

  1. Pingback: Als een dirigent die de beweging kan voorzien – Weblog van Chrétien Breukers

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s